Wallen en vesten

Wallen

Start werkweek minus 1 dag – In aangeschoten buien worden er wel eens afspraken gemaakt waar ge op het moment van afspraak zelf spijt van hebt. Zaterdagavond vielen de woorden: “Gaan we uit morgen?” Geen ziel die op dat moment aan werk en boterhammen verdienen dacht. We spraken gewoon af. De deal overleefde zelfs de zondagmiddag met cake, koffie en koekjes. De te verwachten weekenddip ging even snel weg als hij gekomen was.

Start werkweek minus 9 uur – Wij op weg van zondagnacht naar maandagmorgen, naar een feestje in hartje Brussel, op het moment dat mensen in bed liggen te dromen van hun aardige collega’s en kilo’s papier waar ze in de pas geboren week mee mogen werken. Gelukkig gingen we vroeg naar huis. Dat was de afspraak. Ik moest immers rond negenen des ochtend in Brugge aan mijn bureau staan…

Start werkweek minus 4 uur – Uren later zagen we in de oostelijke horizon de zon nog niet opkomen. Dat heb je met winterse nachten. We reden naar ons bedje die voor de gelegenheid in Gent stond. Omdat mijn bestemming Brugge maar een half uur verder was natuurlijk. Verkeer was er niet zodat we er een half uur langer dan normaal over deden om Brussel uit te raken. Alle tunnels waren gesloten. Alle verkeerslichten stonden op rood. Wij wachtten gedwee op ieder kruispunt en zagen alleen de lucht zich verplaatsen tot het iedere keer groen voor ons werd.

Start werkweek – De week begon uitgeput en met wallen waar ze in Amsterdam ongelofelijk jaloers zullen op zijn. Maar het feestje was zo fijn en leuk. En eigenlijk val ik niet zo op tussen mijn collega’s met snotvallingen en huilbaby’s. Die maken dat iedere nacht mee. Naar het schijnt. En spijt van het feestje? No way. We gaan binnen drie weken terug! Dan neem ik vakantie de maandag. En dinsdag.

Vesten

Het schiet me trouwens te binnen dat het me al eens overkomen is. Toen was ik net achttien en nog niet verdikt en terug vermagerd. En het gebeurde op een fuif achter de schermen. Deze keer in de trein. Misschien moet ik beginnen bij het begin. Een week geleden. Op een zaterdagavond tussen BXL Noord en Zuid.

Ergens in het midden van een treinwagon zaten we met twee, half ingedommeld, met een boek op onze schoot. Op een bepaald moment zag ik met een half open oog de bordjes ‘Brussel Centraal’ passeren. Enkele seconden later, wanneer de treindeuren ‘piiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiieeeeeeeeeeeep’ piepten, kwam er een jonge gast voorbij en liet zijn kleingeld, toevallig en accidenteel op de grond vallen. Tussen mijn benen. Duikt die gast daar wel niet onmiddellijk tussen? Wie het gezien heeft van buitenaf zal zeker dubbelzinnige bedenkingen gehad hebben. Een halve minuut later was alles van de grond geraapt en liep dienen naar buiten. Spannend hé!

en sjakossen

Waar was de politie? Die zie je alleen maar als het voetbal is! In grote getale! Moet ik daarvoor belastingen betalen? Ik ga nooit naar de voetbal! Maar als een simpele werkmens op de trein zit, zie je ze niet. Straks moet ik nog op de N-VA stemmen omdat ik een malcontente Vlaming ben! En al die vreemdelingen! Die pakken ons werk af! En onze vesten! En sjakossen! En maar geld in de sociale zekerheid pompen om die Walen te sponseren. Maar die helpen mij niet als ik op een trein van Wallonië naar Vlaanderen zit. Ha! Waar is de solidariteit dan gebleven? Zij zagen toch ook dat een dief achter mijn eigen, kromgewerkte rug, mijn spullen aan het stelen was. Moesten die politiekers nu een keer met de trein komen in plaats van met hun grote sjieke bakken,  ze zouden tenminste zien in wat voor miserie wij hier moeten leven! En wat zou het eigenlijk allemaal helpen. Als ze de gangsters in het gevang steken, zijn ze toch weer vrij na een half uur! En het wc-papier was op in de wc van de trein!

Het was mijn eigen stomme schuld om mijn spullen onbewaakt boven onze hoofden te leggen. Jas gestolen. Tas gestolen met als inhoud tandenborstels, deodorant en t-shirts. Gelukkig geen portefeuille of gsm. Geen gewonden gevallen. We zagen het trouwens pas toen we in Brugge aankwamen dat we de boel ‘kwijt’ waren. De volgende keer pak ik mijn sjakos op mijn schoot. Gelijk de oude vrouwkes.

Vluchtmisdrijf

Kennen jullie dat gevoel? Dat er al een tijd iets niet klopt. Je het ergens wel weet, alleen niet durft luidop tegen je gedachten te zeggen. Dat het soms heel lang duurt vooraleer je het er op waagt toe te geven dat er iets fout loopt. Je de waarheid niet wil of kan zien en maar doet alsof er niets aan de hand is. Of net het omgekeerde doen, om zeker niet aan anderen te tonen hoe de zaak in elkaar zit.

Wel dat, dat kom ik net te vaak tegen. Ik wou dat ik in de verleden tijd kon schrijven. Dat ik kan toegeven. Tegen mezelf. Om te beginnen. In het welzijn van mezelf. Daarna van anderen.

Dat het hard aan zal komen. En dat wij dit allemaal nog niet beseffen.

Wil je iets vertellen?