In de fik

In de fik

Groot was gisterenavond onze ontzetting toen oranje lichtschakeringen onze woonkamer verlichtten. We keken uit het raam en zagen hoge vlammen likken aan de gevels en daken van enkele achterburen. Een paar dagen eerder was er op de plaats waar de vuurzee flink huis hield een gebouw afgebroken. De restanten leken in brand te staan. Een lichte paniek nam het van mij over. Wat als die brand over ging slaan naar belendende huizen? Lichten waren nog overal aan achter de ramen van de huizen die zeer dicht bij de brandhaard staan.

Bellen naar 112 blijkt niet iets voor ongeduldige mensen te zijn. Voor ons gevoel duurden die seconden ettelijke minuten vooraleer er antwoord kwam aan de andere kant van de lijn. Ze meldden ons gelukkig dat ze op de hoogte waren en de brandweer op weg was. En dan was het wachten. Inmiddels was de politie via onze straat de kleine steegjes naar de brand aan het vrij maken. In de Rue des Bouchers en zijstraten moesten de terrassen aan de kant zodat de hulpdiensten konden passeren. Voor ons gevoel duurde het een eeuwigheid tegen dat de brandweer ter plaatse kon geraken. Wij konden alleen maar toezien en hopen dat alles snel onder controle kon raken zonder veel schade en vooral zonder slachtoffers. Er steeg ondertussen een enorme rookpluim boven het centrum. Toen de brandweer eenmaal ter plaatse kon geraken konden ze de brand blussen in een paar minuten. Chapeau voor de brandweermannen van Brussel!

We zijn niet ter plaatse gaan snuisteren. Ik voel me nu al ramptoerist genoeg met dit schrijven. Het ziet er vanuit ons woonkamerraam naar uit dat er geen schade is aan omliggende gebouwen, zoals onder andere het bekende poppentheater Toone. Toen ik deze ochtend door het raam keek zag ik verschillende buren naar buiten piepen. Er was geen rookpluim meer te zien. Op de naastliggende werf waren ze gewoon aan het werk. Heel eventjes stond het leven gisterenavond, net als onze televisie, een half uur pauze.

IMAG1253

Koekjes van andermans deeg

Hulde aan de collega die deze morgen trakteerde met de beste koekjes van de wereld! Een hoop Oreo uit het verre Amerika. Vorig jaar heb ik er op onze USA-trip kilo’s van gegeten. Die hadden we trouwens gewonnen in een heuse BINGO. En dan de natuurboterwafels van Jules Destrooper. Komt van mijn streek trouwens. We noemden die lukken en aten die vooral met nieuwjaar. Blijkbaar ligt daar ook de oorsprong van het woord ‘lukke’. Het was heel vroeger de gewoonte om je grootouders te gaan ‘lukken’ of anders gezegd een gelukkig nieuwjaar te wensen. Als ruil voor die nieuwjaarswensen kreeg je dan zo’n wafeltje. Wie is de volgende jarige?

Mississippipi

Reisfoto #2 – Mississippipi

Toen wij in juni 2013 ergens in Minneapolis na een terrasje (waar wij een paar flessen Californische wijn soldaat hadden gemaakt) flaneerden aan de oevers van de Mississippi moesten we gewoon gaan. Op het moment nooit stil gestaan dat den Amerikaanse Police iets minder zou lachen dan wij toen. Gelukkig waren ze niet in de buurt. Anders mocht Buitenlandse Zaken ons misschien komen halen uit de Guantanamogevangenis.

Koffiecapsules

Dachtereir #2 Koffie

Op het jaarlijks medisch onderzoek vraagt de zuster mij altijd: “Drinkt u koffie? 2 à 3 tassen per dag?”
Ik vraag me af waarom ze ieder jaar de vraag in mijn plaats beantwoordt? Als ze het aantal tassen op haar computerscherm telt wat ik vorige jaren antwoordde moet ze toch weten dat 3 belachelijk weinig is. Ooit was er een jaar toen ik zei, en niet eens voor de grap: “Neen zuster, dat moeten er wel 20 zijn.” Ze schrok zichtbaar. Ik had last van stress in die periode, maar dát vond ze niet zo belangrijk. Misschien geloofde ze het niet. Want zeg nu zelf, ambtenaar en stress in één zin klinkt nogal louche.

Nu vind ik van mezelf wanneer ik na de achtste tas stop, ik die dag mijn best heb gedaan. Vanaf de zesde krijg ik trouwens last van uitdrogingsverschijnselen en beginnen mijn wenkbrauwen tegen te trekken. Dan moet ik enkele glazen water drinken om mijn levenssappen terug op gang te trekken. Om 20h00 drink ik steevast mijn laatste kopje koffie van de dag. Ik ken mensen wanneer ze om 10 uur ‘s morgens nog een tas koffie drinken de volgende nacht niet meer kunnen slapen. Het zit hem in de gewenning natuurlijk. Naar het schijnt is het cafeïne die voor verslaving zorgt. Ik denk eerder dat het ambtenaar zijn voor de verslaving zorgt. Er staat altijd 10 liter koffie op mij te wachten. De koffie op mijn werk is bovendien zo slap dat het eerder een waterverslaving waar ik aan leid.

Thuis hebben we zo een fancy Nespressomachien. Je weet wel, dat van de reclame waarbij er een piano achter George Clooney zijn gat valt. Als we koffie willen drinken moeten we eerst speciaal naar de Avenue Louise om koffiecapsules te halen. Zeer lekkere koffie overigens. Gelukkig kan ik wanneer ik niet meer te houden ben naar de plaatselijke Starbucks en kan ik verder met een zuigkoffie in de hand. Je kent het wel. De koffie in een kartonnen bekertje met plastieken dekseltje inclusief gat waaruit je je veel te hete koffie moet uitzwabberen. Dat zuigen in plaats van gewoon laten lopen heb ik pas een paar jaar geleden geleerd. Ervoor liet ik het gewoon op mijn boy druipen.  Je zal me nog dankbaar zijn voor deze inlichting!

2014-12-26 Eerste Cambiorit

Eén jaar Cambio, een evaluatie

Toen ruim een jaar geleden een losliggende kassei er voor zorgde dat mijn auto de geest gaf was het de spreekwoordelijke druppel. In werkelijkheid was het een speut olie die mijn motor in een paar tellen deed droogdraaien. RIP VW Polo van drie jaar oud. En daarmee had ik het gehad om zorg te dragen voor een auto die meermaals weken aan een stuk stil stond ergens in een Brussels achterafsteegje. Ik vond altijd voldoende parkeerplaatsen, daar niet van. Hij stond altijd in de buurt van de kathedraal. Met als gevolg dat hij in een jaar tijd twee keer is weggesleept. De eerste keer omdat de Koning moest gaan zingen op het te deum en een tweede keer omdat er een begrafenis georganiseerd werd van een bekende Brusselse politicus. Samen goed voor ruim 500 knotsen. Ge kunt daar al een keer een stukske Comme Chez Soi mee gaan eten.

De vrijheid van het bezit van een auto werd voor mij een sleur van zorgen. Mijn stalen ros had geen stal. Dat is in het centrum van Brussel nogal wat aan de dure kant. Begrijpelijk. Ik had het er alleszins niet voor over. Met het Centraal Station letterlijk om de hoek begon er een soort van renaissance: ik nam al iedere dag gratis de trein naar het werk in Brugge en nam die meer en meer voor privédoeleinden met als gevolg dat ik minder graag met de auto begon te rijden. En dat voor iemand die 10 jaar geleden nog 60.000 kilometer per jaar op de teller had. Het begon me mateloos te vervelen, daar zitten kijken naar al dat voorbijvliegend asfalt. In de trein las ik boeken, keek ik series. Al die uren ontspanning bleken onbetaalbaar. Ik betaalde na verloop van tijd per maand trouwens meer verzekering dan diesel. Toch kon ik die onafhankelijkheid van een auto niet opgeven. Je wist maar nooit wanneer je dat ding nodig had. Het moest dus duren tot dat ongeval vooraleer ik de beslissing wel moest nemen. Daarmee was ook mijn grootste bezit verdwenen. Van renaissance naar verlichting. Achteraf besefte ik dat die vrijheid met bezit van een auto ook maar een illusie was. Maar dat komt natuurlijk ook door de plaats waar ik ben gaan wonen en het starten met autodelen…

Er zijn hier 4 havens met Cambio-auto’s die dichter staan dan mijn eigen auto meestal geparkeerd stond. En wanneer die op een verwaaide keer allemaal gereserveerd zijn wandelen we 10 minuten verder of nemen we een metro naar andere standplaatsen. Ik ben blijkbaar een atypische gebruiker – wat ook mijn vrees was in het begin. De meeste mensen reserveren de auto’s voor korte perioden en korte ritten. Mijn ritten zijn meestal ruim boven de 150 kilometer en veelal meerdere dagen. Verder reserveert de modale mens zeer kort op voorhand. Zelf kan ik mijn ritten meestal weken van te voren plannen. Ik heb nog geen problemen gehad met een te kort aan auto’s, ook die keren dat ik letterlijk 5 minuten voor ik vertrok eentje reserveerde. Op zondagen met mooi weer is de kans natuurlijk zeer groot dat de meeste verdwenen zijn. Plannen is de sleutel. Ik nam al de trein naar Brugge, Kortrijk of Luik om daar de Cambio te nemen. Dat spaarde mij vooral kosten omdat een treinrit goedkoper is dan een Cambiorit. Wij hebben noch kind noch kraai dus kunnen we makkelijk die tijd nemen. Het is natuurlijk eenvoudig met een station in de buurt waar bijna iedere trein van België passeert en nog eens rechtstreekse treinen naar Amsterdam, Londen, Parijs en Keulen heeft.

De meest gestelde vraag van mensen, buiten hoeveel het kost is hoe wij dan naar de winkel gaan. Wij gaan eigenlijk alleen maar als we iets nodig hebben. Voorraden aanleggen is niet nodig als de dichtstbijzijnde supermarkt iedere dag tot 22 uur open is. Omkomen van de honger doen we hier trouwens niet met al die eettoestanden in de buurt (dan spreek ik nog niet over wat je allemaal aan huis geleverd kunt krijgen). Het is gek waarom ik mijn eigen auto zo lang gehouden heb. Nu is het een luxe om geen auto te moeten hebben. Want wat een besparing! In 2015 spaarde ik ruim 1500 euro uit, als ik een kost voor eigen auto van gemiddeld 300/maand in rekening breng, wat nog niet zo zot veel is. Mijn Cambioverbruik kostte gemiddeld 130 euro per maand. Tel daarbij nog wat trein-, metro-, tram- en busritten erbij en ik kom op een mobiliteitsbudget van 160 euro/maand. Cambio is voor mij dus een enorm grote besparing.

Ik heb slechts één ongemak. Het inschatten wanneer je terug thuis komt. Daarom neem ik altijd een ruime marge. Als je de auto eerder terugbrengt moet je maar 30% van de resterende normaal uurtarief betalen. Cambio vervangt perfect mijn bezit van een auto, al kies ik soms voor de goedkoopste oplossing en neem ik het openbaar vervoer. Dat is het enige verschil, dat ik vroeger voor kleine afstanden sneller de auto zou nemen. In een stad als Brussel is dit perfect te doen met de MIVB. In steden waar De Lijn opereert ondervind ik toch wel wat meer problemen met bussen of trams die niet op tijd of zelfs niet komen. Een jaar later kan ik niet anders dan concluderen dat overstappen op Cambio voor mij de perfecte oplossing is.

Link: www.cambio.be

Dachtereir #1

Zachtjes drupt de douchekop nog na in de badkuip. Vlug spring ik in mijn boxershort. Ik hijs hem op en merk dat ik er al een aan heb. Geschrokken controleer ik of die boxershort niet nat is. Oef. Ik heb hem pas aangetrokken na het douchen. Ik wil mij deodoreren en denk bij mezelf ze gaan me hier geen twee keer liggen hebben.

Enkele uren later.
Op mijn werk in de middagpauze doe ik even enkele boodschappen. In mijn winkelmandje: 2 pistolets, een schel paté, een blikje verse soep, 1 bus deodorant.

Foto #1

Reisfotochallenge 2016 + Reisfoto #1

Wij reizen er nogal op los. Vaak neem ik tal van digitale foto’s die op een gegeven moment op mijn harde schijf landen. Dan staan ze daar. Te wachten op mijn reeds uitgestorven nageslacht of op een buitenaardse archeoloog die ze binnen 150 jaar zal opgraven omdat wij intussen met aardbol en al vergaan zijn. Weliswaar help ik dat ruimtewezen door het verwijderen van alle mislukte exemplaren. Ze staan overigens allemaal mooi gesorteerd onder de letter f). Van foto’s.

Ik wou al langer iets doen met mijn foto’s. Ik zat echter een hele poos te broeden op een ei die niet kwam. Reisverslagen schrijven heb ik overwogen, maar er zijn mensen die dat zot veel beter kunnen. Er kruipt daar trouwens zoveel tijd in dat het snel zou leiden tot een nest ongeboren kuikens. Tot een jong vandaag plotsklaps op mijn scherm kwam gekwakt: https://thomaspannenkoek.wordpress.com/2016/01/02/nieuwe-jaaruitdaging-2016/.

Ik doop het beestje dan ook gewoon Reisfotochallenge 2016. Een gegeven kuiken moet je uiteraard niet in zijn snavel kijken. Het concept is simpel: neem ‘geblinddoekt’ een random foto uit je reisarchief, denk kort na waarom je die hebt genomen, post de foto en laat je verhaal of fantasie de vrije loop.

En zo reis ik gewoon af met de eerste:

Reisfoto #1

Op het einde van vorig jaar stapten we op het vliegtuig richting Kopenhagen. Ik moet altijd serieus nadenken hoe je dat schrijft. Kopengagen wil ik er altijd van maken. Op zijn West-Vlaams. De duikboot op de foto was eigenlijk van de bestemming die naast de onze vertrok. Mijn lief vroeg tijdens het instappen of ik de naam van het afgebeelde Kuifje-album kende. Ik moest er niet eens naar raden. Ik had geen flauw benul. De schat van Scharlaken Rackham verklapte hij dan maar. Het zei me niets, hoewel de afbeelding wel ergens in mijn hoofd was geklasseerd. Ik kende wel De schat van Beersel probeerde ik nog. Inmiddels liggen alle Kuifje-albums in onze boekenkast.

Tijdens de vlucht vroeg iemand wat zoal de specialiteiten waren in de Deense keuken. “Smørrebrød” antwoordde een kenner. Niemand buiten hem wist wat het nu precies was. Zijn deskundig en bondig antwoord was: “een boterham met beleg”. Ja, dat hadden we niet in België. Dat beleg bestond overigens niet uit een simpel schelletje hesp of plak paté, maar waren werkelijk kunstwerkjes mochten we enkele dagen later proeven. De boterham was roggebrood. Van dat brood kun je trouwens makkelijk van naar euh sneetjes snijden.

2016…

Nu iedereen zijn goede voornemens voor het nieuwe jaar aan het implementeren is, voel ik een lichte doch niet te omzeilen sociale druk uitgeoefend op mijn breedgeschouderde lichaam. Die maatschappelijke druk perste een pak goede voornemens uit mijn hersenpan. Concrete doelen die eigenlijk wel realistisch zijn. Maar wat ben ik met een doel van 15 kilometer hardlopen als ik de dag nadat ik die kilometers eindelijk heb opgevreten, mezelf kennende, de loopschoenen aan de haak zal hangen? Of wanneer ik mijn jaarreccord van 13.857 bladzijden lezen wil verpulveren en daardoor als een zot ga lezen om pas vanaf pagina 13.858 rust te vinden? Ik kwam al snel tot de vaststelling dat ik nogal van lijstjes afvinken houd en dat het afvinken an sich een te belangrijk gewicht in de schaal kreeg (ik ben al een jaar op mijn ongemakken omdat ik ergens halverwege de seizoenen True Blood ben gestopt omdat ik die serie niet meer interessant genoeg vond en mijn voortgang op 45% is blijven hangen). Als vergelijking kan ik een all-you-can-eat-restaurant aanbevelen. Probeer een keuze te maken tussen enkele lekkere gerechten of om zo veel mogelijk alle schotels te proberen. Ik ben iemand die alles wil geproefd hebben en met een indigestie naar huis gaat en dan de voorspelbare woorden “Nooit meer!” in de mond neemt. Vervolgens de dag erop terug aan het vreten gaat om nadien in de zetel terug te gaan liggen uitbuiken gelijk een oeverpadde. De eerste 3 dagen van het jaar waren trouwens een ware aanslag op mijn goede voornemen 7 kilo te vermageren. Gelukkig kan ik recycleren en dit voornemen al 3 jaar redden van de hoop die naar het containerpark gebracht wordt. Ik wil het daarom dit jaar over andere boeg gooien:

Als doel voor 2016 wil ik geen doelen stellen!

Doel 1: het proces lezen
Ik lees sowieso veel boeken. Het zou van een idiote onnozelheid getuigen om hier een getal op te plakken. Lezen mag ontspanning zijn of net dat zeer geconcentreerd beleven van een verhaal. Ik moet niet perse alle doelen van de book challenge 2016 kunnen aanvinken. Die lijst kan ik gebruiken om eens iets anders uit te proberen. Of gewoon als statistiek op het einde van het jaar, hoe ik las in plaats van hoeveel ik las. Dit geldt trouwens ook voor series kijken. Een beetje minder gaat ook de tijd voor boeken lezen verhogen! TV kijken doe ik al niet, dus dat leidt in ieder geval niet af.

Doel 2: het proces schrijven
Ok. Het is hier de laatste jaren nogal stil geweest op dit stukje persoonlijk internet. Ik ga me nu ook niet beginnen opjagen om terug zoals in den goeien ouwe tijd iedere week een stuk of wat kunstwerken van schrijfsels te produceren. Om iets bescheidener te zijn zou ik graag gewoon meer willen schrijven. Niet alleen publiceerbaar materiaal. Ik ontdekte een leuke
app waar ik mij kan laten gaan wanneer ik af en toe nood heb aan rust en toeweiding!

Link: writr

Doel 3: het proces lopen
De 20 kilometer van Brussel vroegen er al twee aan mij. De zotten! Mijn gestel zal kraken en piepen en in elkaar zakken gelijk de twin towers. Hopelijk met iets minder stofwolken dan. Moest ik nu al gemiddeld 2 keer per week gaan lopen en dat voor minstens een uur en dat vooral volhouden! Mijn humeur zal er wel bij varen. Dat ik hier en daar eens een steek laat vallen en de loopschoenen op reis niet mee neem is uiteindelijk geen ramp. Mijn vetkwabben hebben nu al schrik van dit voornemen!

Doel 4: het proces fruit eten
Het is sinds de tijd van mijn fruitpap niet meer goed gekomen. Ik eet het niet graag en krijg het niet door mijn strot geduwd. Gelukkig zijn er de smoothies. Ook hier geen mislukkingen op voorhand door fors te gaan inversteren in gevaarlijke machines om te mixen. Ze gaan eerder roesten dan verslijten. Ik ken mezelf. Dus dan maar de minst ecologische tour op: kant en klaar kopen in de supermarkt of in zo’n verwaaid fruitkot ergens te velde in een station of winkelcentrum. Volhouden is ook realistisch zijn.

Doel 5: meer sociaal, minder media
Ik zit nog altijd te veel op Facebook en consoorten. Ook al is dat al fel geminderd, het kan nog minder. Mijn telefoon wegleggen als ik in gezelschap ben bijvoorbeeld. Het zit hem in de kleine dingen. Het moet ook niet stoppen. Laat ik gewoon wat meer de praktische kant van dat toestel gebruiken: foto’s nemen, agenda aanvullen of rekeningen bijhouden. Chatten kan altijd ‘s avonds thuis of op de wc. Echte gesprekken en afspraakjes, daar zou het moeten om gaan.

Doel 6: het proces stilstaan
”Druk druk druk” zijn de woorden waar iedereen elkaar mee doodslaat. Ik heb het gehad met druk zijn. Ook al wil en ga ik mijn agenda volplannen, er moet vooral met ontspanning als bindmiddel gemetseld worden. Dat kan natuurlijk door die processen hierboven maar ook door meer stil te staan bij wat ik nu eigenlijk aan het doen ben of gedaan heb. Dit is misschien wel de rode draad tussen alles wat ik zou willen doen…

Doel 7: het proces doen
In plaats van grote dingen te denken en op te schrijven: gewoon kleine dingen doen! Maar dan vloekt dat ook wel met doel 2. Ik moet gewoon minder nadenken. Het zou alvast een hoop minder gedoe zijn. Oh, wat zit alles toch vol tegenstrijdigheden als ik alles in regeltjes wil gieten.

Book Challenge 2015 – Update

Eergisteren sloeg ik het laatste boek van 2015 dicht: De kunst van het wachten van David Nolens werd meteen in mijn favorietenlijstje van dit jaar gekatapulteerd. Maar vooraleer ik mijn andere favorieten verklap is het tijd voor de statistiekjes!

Boeken 2015 Aantal

In 2015 las ik 45 boeken! Dat is een heel pak meer dan de vorige jaren (in 2012 ben ik halverwege het jaar begonnen met lezen), terwijl het aantal pagina’s redelijk gelijk is gebleven. Dat komt omdat ik in 2014 heel wat lijvige boeken op mijn leeslijst had staan en 2015 iets meer graphic novels en zowaar een paar non-fictie boeken (met veel prentjes).

Boeken 2015 Aantal Pagina's

Dit jaar was ook het jaar van de eerste Book Challenge. Ik leid hier uit af dat ik nog altijd veel fantasy-series lees, weinig thrillers en weinig waargebeurde verhalen lees. Ik lees altijd in het Nederlands en eindig altijd mijn boeken, zelfs al vallen ze mij tegen (ik geef een boek iedere bladzijde opnieuw een kans tot ik besef dat ik bijna naar het einde ga en dan ook wel wil weten hoe dat onding eindigt). Verder heb ik een boontje voor boeken die zich afspelen in Japan. Een poëziebundel, die nochtans op mijn to-do-lijst staat, is er ook dit jaar niet van gekomen.

Dé boeken van 2015:

Zeer veel genoten heb ik van de Japanse Romans van Amélie Nothomb. Drie gebundelde romans. Absurd en grappig en nog waar gebeurd ook. De schrijfster vertelt over haar opgroeien in en terugkeer naar Japan en hoe die maatschappij verdraaid ineen zit. De wondere wereld van Amélie Nothomb is heerlijk om te lezen!

Weg met Eddy Bellegueulle van Édouard  Louis is het waargebeurde verhaal van een homoseksuele jongen die zich losrukt uit zijn verstikkende omgeving. Hallucinant wat er zich afspeelt in een Noord-Frans dorpje, eind de jaren negentig. Ik dacht dat ik ergens 50 jaar eerder in de tijd las… Het maakte me echt ontzettend kwaad!

Na de tv-serie dacht ik de boeken eens te proberen: Het spel der tronen is het eerste boek van Het Lied van IJs en Vuur van George R.R. Martin. De serie volgt letterlijk het boek, wat voor mij geen must is maar hier wonderwel zeer goed werkt. Zoveel details! Dat is dan ook weer het nadeel om mee te zijn met de serie. Ik had enkele hoofdstukken nodig om er in te komen. En toen liet het me niet meer los… Op fantasygebied staat dit boek een trapje hoger dan veel andere series die ik gelezen heb. Voor 2016 start ik met het tweede boek. Benieuwd of het niveau geëvenaard zal worden.

De kunst van het wachten van David Nolens had ik al in de inleiding vermeld. Of hoe verwondering en toekomstperspectieven van een kind aan gruzelementen worden gesmeten. Denk ik. En dat dat erg is. En ook niet. Zelf zit ik in een totaal andere levensvorm dan het hoofdpersonage. Het duurde even om mij in te leven. Het boek zette me echter aan het denken. Maar moet ik wel denken? Ik weet niet of ik het boek volledig gesnapt heb, maar dit is voor mij zo’n boek waar ik met mijn gedachtegang kan puzzelen. Vreselijk leuk!

Het boek van 2015 voor mij is Misery van Stephen King. Ik spreek niet graag over “beste” boeken omdat die nogal kunnen tegenvallen als ik ze jaren later met een verwachting van hier tot de Rocky Mountains terug lees, maar dit boek was eentje die bleef plakken! Het zoog mij mee van begin tot einde. Misschien moet ik zo lang niet wachten om terug te lezen…

Al mijn gelezen boeken zijn trouwens te vinden op:

Peter Blanckaert's book recommendations, liked quotes, book clubs, book trivia, book lists (read shelf)